Het gaat slecht met Hélène Hendriks: ‘Ze zit nog steeds in een rolstoel en kan niks’
Wat een soap blijft het toch achter de schermen van De Oranje Zomer.
Waar menig tv-kijker dacht dat Hélène Hendriks deze zomer met haar scherpe tong en oranje outfit het voetbalfeest zou leiden,
ligt onze nationale sportbabe alweer wekenlang uitgeteld op de bank.
Er bleek een zenuw goed beklemd te zitten in haar rug, en het ergste van alles: de operatie is niet goed verlopen.
Inmiddels zijn de kansen op een glorieuze rentree deze zomer ongeveer net zo groot als een ijsje in de Sahara.
Wie zich een beetje inleest, weet het: Hélène zit in de lappenmand.
En Rutger Castricum was zo dapper om op ziekenbezoek te gaan.
Aan tafel bij invaller Johnny de Mol verklapte hij:
“Het gaat wel goed.
Kleine stapjes vooruit. Gelukkig, kleine stapjes.”
Met deze soap kan het hele dorp meegenieten.
Want Rutger hinte ook nog even op liefdesverdriet — en dat niet alleen door haar zere rug:
“Jij zit hier, en dat verzacht de pijn natuurlijk bijzonder.
Maar het liefdesverdriet is er nog steeds.”
Kijk, dat noem ik nou collegiale sabotage.
Johnny zelf probeert ondertussen de boel luchtig te houden:
“Het is niet dat er niets gebeurt in de wereld,
dus ze had hier maar wat lief willen zitten natuurlijk.”
Nou, fijn dat het wat beter met haar gaat.
Maar wie een beetje gevoel heeft voor televisiedrama, voelt de spanning hangen als een klamme zomeravond.
En dan is daar Johan Derksen, de brombeer van Hilversum die er geen doekjes om windt.
Volgens Derksen is het allemaal één groot voorspelbaar fiasco:
“Johnny is een aardige gozer die heel veel kwaliteiten heeft,
maar hij is geen talkshowhost,” snuift Derksen in zijn eigen podcast.
“Hij heeft prachtige verhalen gemaakt met gehandicapte kinderen.
Hij deed die reisprogramma’s hartstikke goed.
Maar hier zit je te kijken naar iemand die gewoon totaal niet thuishoort in deze rol.”
Johan — niet bepaald de koning van het mededogen — denkt dat de Talpa-directie Johnny vooral het stoeltje heeft gegeven
om zijn oude heer De Mol tevreden te houden:
“De oude De Mol had moeten weten dat Johnny het niet in zich heeft,
maar die heeft zich blijkbaar om laten…”
En dan is er ook nog Thomas van Groningen, de aanstaande invaller die zichzelf volgens Derksen maar wat graag hoort praten:
“Hij braakt lange volzinnen uit en lult het liefst het hele programma zelf vol.
Maar goed, hij doet het niet slecht.
Alleen, die jongen hoort zichzelf veel te graag praten.”
Zullen we eerlijk zijn?
Wie nu nog verwacht dat De Oranje Zomer met deze invallers het kijkcijferrecord gaat breken, gelooft vast ook nog in de paashaas.




